Sinds april is het bestuur van de stichting compleet. De eerste vergadering heeft inmiddels online plaatsgevonden. Wie zitten er in het bestuur? Waarom zetten zij zich in voor een beter beheer van de openbare ruimte en de infrastructuur in Nederland? Deze week maken we kennis met bestuurslid Astrid Weij. “De wisselwerking tussen strategie en executie is heel belangrijk.” 

Schippersdochter

“Sinds vijf jaar ben ik werkzaam in de mobiliteit sector, eerst als teamleider Verkeer & Benutten bij de provincie Utrecht en, nu als senior programmamanager bij het Interprovinciaal overleg. Daarvoor ben ik werkzaam geweest binnen de wereld van cultureel erfgoed. Tijdens mijn hele loopbaan heb ik internationale relaties gelegd. Nu ben ik werkzaam binnen de sector mobiliteit en dat spreekt mij als schippersdochter erg aan. Mobiliteit zat er daardoor al vroeg in, net als het belang zien van onderhouden en beheer. Een schip onderhouden is essentieel.”

Beleid en uitvoering 

“Ik voel me thuis in de beheerwereld. Het is dezelfde mentaliteit als waar ik mee groot gebracht ben. Daarnaast ben ik een stapelaar, ik ben van de mavo naar het mbo gegaan en heb vervolgens een hbo-opleiding en een master afgerond. Ik herken de groei naar verwetenschappelijking. Wat mij vooral triggert, is de doelstelling van de stichting: de wisselwerking tussen uitvoering en wetenschap verbeteren. ‘Strategie is executie’ is voor mij een basisregel. Als beleid gemaakt wordt zonder de uitvoering mee te nemen, ben je nergens.” 

Empoweren van sector

“Aanleg vindt iedereen altijd interessant, dat is oneerbiedig gezegd lintjes knippen. Maar als het gaat over beheer en instandhouding, hebben mensen daar minder interesse voor. Dat zie je bij de infrastructuur in Nederland ook, zowel boven- als ondergronds. Terwijl naar onderhoud het meeste geld gaat. Dat moet je je al realiseren bij de aanleg. Daarom denk ik dat het belangrijk is dat er een wetenschappelijke basis komt vanuit waar beleid toekomstgericht aangestuurd kan worden. Dat is strategie en executie.

Daarnaast is het goed als de sector zich ‘empowered’ tegen de vele aandacht die er wel is voor de ontwerpkant. Gezien de ontwikkelingen die eraan komen, zoals klimaatadaptatie, moeten we goed nadenken over beheer. Hoe flexibel kunnen we zijn? Beheer moet een gesprekspartner zijn van hetzelfde niveau als andere vakgebieden.”